Moxa en cupping zijn beide traditionele Chinese geneeswijzen die gericht zijn op het bevorderen van de bloedcirculatie en het herstellen van de energiestroom (Qi) in het lichaam.
Deze behandeltechnieken kunnen aanvullend worden gebruikt om lichamelijke klachten te verlichten of zelfs te verhelpen.
Moxa en Cupping zijn aanvullende behandelmethoden die tijdens een Shiatsu behandeling kunnen worden toegepast.
Moxa
Moxa is een traditioneel Chinees kruidenmiddel dat hoofdzakelijk bestaat uit gedroogd en vermalen blad van bijvoetkruit (Artemisia Vulgaris). Bij een moxa behandeling wordt gebruik gemaakt van zowel de moxa stick als van directe moxa (moxa-punk of moxa-kegeltjes).
Moxa is een verwarmende techniek die vaak wordt gegeven boven een acupunctuurpunt of langs meridianen om zo de energie weer in beweging te zetten. De diepgaande warmte wordt gebruikt bij het verdrijven van koude aandoeningen, stagnaties, spier- en gewrichtsklachten, vermoeidheid en blessures.
Als alternatief op brandende moxa kan er ook een “moxalamp” gebruikt worden, deze geeft een vergelijkbaar warmte effect, maar zonder de kruidengeur.
Moxa en stuitligging
Moxa therapie kan ook worden toegepast bij stuitligging tijdens de zwangerschap. Als blijkt dat de baby bij 32 weken in stuit ligt, kan deze behandeling helpen om de baby op natuurlijke wijze te laten draaien in de baarmoeder.
Cupping
Bij cupping wordt gebruik gemaakt van glazen cups die op de huid worden geplaatst. Door de lucht in de cup te verwarmen wordt er een vacuüm gecreëerd, waardoor de cup op de huid vast zuigt. Deze vacuümkracht trekt bloed naar de oppervlakte, waardoor de doorbloeding verbetert en eventuele energieblokkades worden opgeheven.
Na een cupping behandeling is het volkomen normaal dat er verkleuringen van de huid zijn ontstaan door de zuigkracht van de cup. Deze rode tot soms paarse verkleuringen zegt vaak iets over de mate van stagnatie in het ondergelegen weefsel. Deze plekken verdwijnen meestal binnen een aantal dagen tot een week.
Cupping kan ook goed resultaat geven bij verkleving in het bindweefsel.